Gazelle doortrap naaf

Ik had voorgenomen om geen Gazelle onderdelen te verzamelen, maar toch per ongeluk ineens een Gazelle doortrapnaaf aangeschaft. Net als de voornaven van Gazelle, zijn deze extra zwaar uitgevoerd, nog zwaarder dan normaal voor transportfietsen.

Oktober jaar 9 of 6 van decennium onbekend.

Ter vergelijking met een Fichtel & Sachs transport doortrapnaaf:

De naaf is niet alleen dikker dan normaal, maar ook normale tandwielen passen er niet op, bij de Gazelle is dat M42 schroefdraad, of iets in die buurt.

P.s. mocht iemand deze naaf kunnen gebruiken voor een restauratie project, dan wil ik die best ruilen.

Jeroen

Doortrapnaven

Bij doortrapnaven zit het tandwiel vast op de naaf, waardoor de cranks altijd meedraaien met het wiel. Dus geen rem en geen vrijwiel. Veel transportfietsen tot in de jaren ’50 waren uitgevoerd als doortrapper, gewoonweg omdat dat veel goedkoper was. Zo’n doortrapnaaf kostte f1,00 a f1,50, terwijl een Fichtel & Sachs Torpedo remnaaf zo’n f6,00 kostte in de jaren dertig. Een komplete transportfiets was toen zo’n f70,00, dus dat was een aanzienlijk deel van de totale kosten. Dat verschil in kosten is niet zo vreemd, als je het aantal onderdelen vergelijkt. Een doortrapnaaf is niet meer dan een voornaaf met draad en een borgring.

Er waren verschillende modellen doortrapnaven. In mijn verzameling heb ik een aantal vernikkelde exemplaren van het Duitse buisvormige model.

De naven zijn van boven naar onder:
– een ongemerkte toerfiets model
– een Fichtel & Sachs toerfiets model uit 1934
– een Fichtel & Sachs transport model uit 1929

Wat maakt de onderste nou een transportmodel? Dat is de kettinglijn. Die is gemeten tussen het midden van de naaf, en het midden van het tandwiel. Bij toerfietsen is dat 38mm, en bij transportfietsen ongeveer 44mm.

Omdat bij transportfietsen de trapas langer is, moest de naaf breder zijn uitgevoerd, zodat het kettingwiel en achtertandwiel zich in het zelfde vlak bevinden, en de ketting dus recht loopt. Dit was overigens bij transportfietsen met remnaven vaak niet het geval, aangezien daar meestal gewoon een toerfiets model remnaaf werd geinstalleerd. Daar loopt de ketting dus iets minder vloeiend.

Naast het verschil in kettinglijn zijn er eigenlijk geen duidelijke verschillen. De spaakgaten bij de Fichtel & Sachs toer en transport zijn beide 2,3mm (bij de onbekende toer 3,0mm), de assen zijn even dik en de inbouwbreedte zit ook geen eenduidigheid in:
– de onbekende toer: 122mm
– Fichtel & Sachs toer: 107mm
– Fichtel & Sachs transport: 114mm
Wel staan de spaakflenzen bij het transport model iets verder uit elkaar, namelijk 58mm t.o.v. 54mm bij het toerfiets model.

Een manier waarop je snel een toer of transport model herkend is de afstand tussen de spaakflens, en de flens waar het tandwiel tegen aan rust. Die is bij de transportversie zichtbaar groter:

Een reden waarom ik speciaal ook zoek naar bestaande Fichtel & Sachs doortrapnaven is om te kijken of je ze kunt dateren. Dat kan heel goed, mits de originele conussen en assen er nog in zitten. Fichtel & Sachs sloeg daar namelijk het jaartal in.

Bij mijn jaren ’20 transportfiets waren de as en conussen helaas ooit al vervangen, dus ik hoopte dat aan de hand van de stijl van het arend logo de naaf dateerbaar zou zijn. Bij Torpedo naven veranderde die namelijk minstens eens per jaar tot in 1929 het logo kwam met dubbele cirkels om de arend, zoals ook bij het toer model uit 1934:

Tot die tijd werd minstens eens per jaar bij Torpedo naven de stempel opnieuw gemaakt vanwege de verandering van het jaartal, of andere delen van de tekst. En blijkbaar was de exacte stijl van de arend niet belangrijk, want die veranderde met iedere nieuwe stempel. Zie hier wat voorbeelden op Torpedo remnaven (van links naar rechts 1909/1910, 1915, 1924, 1928):

Let vooral ook op de rangschikking van de veren. Torpedo naven zijn makkelijk te dateren, omdat ook op de huls het jaartal staat ingeslagen (en ook de meeste interne onderdelen).

Mijn eerste gedachte was dat bij een logo zonder cirkels, de naaf in ieder geval zeker van voor 1929 moest zijn. Helaas blijkt dat niet te kloppen voor doortrapnaven, aangezien het arend logo zonder cirkels dus ook op de doortrapnaaf uit 1929 staat. Dan heb ik ook nog geen exact eind jaar voor dat logo. Behalve in ieder geval zeker voor 1934, want de toer naaf heeft wel het nieuwe logo.

De stijl van de arend is op de naaf uit 1929 identiek aan die op mijn transportfiets. Of en wanneer die precies veranderde is niet bekend. Op afbeeldingen van folders uit de jaren ’10 zie je duidelijk een andere stijl arend. Ik heb de stijl van de arend op veel Torpedo naven vergelijken, en de arend op de doortrapnaaf lijkt kwa stijl het meest op de arend bij Torpedo naven vanaf 1924. Van 1924 zijn overigens meerder varianten logo’s op Torpedo naven, de bovenstaande is een van de andere. Zie meer voorbeelden op Scheunenfun.de.

De arend op de doortrapnaaf uit 1929:

En die op de doortrapnaaf van mijn jaren ’20 transportfiets is identiek:

Dus zo’n naaf op basis van de stijl van de arend alleen zou ik nu dateren tussen 1924 en 1929, mogelijk nog iets later. En daarmee is de datering van mijn jaren ’20 transportfiets helaas wat ruimer geworden. Mocht iemand nog Fichtel & Sachs doortrap- of voornaven uit de periode 1930 – 1933 hebben, dan hoor ik het graag welk logo erop zit. En ook van oudere naven. Ieder gedateerd exemplaar kan weer helpen om nauwkeuriger te dateren aan de hand van deze naven.

Nog een foto van de naaf kompleet met tandwiel en bijgevoegd opstapje:

P.s. helaas bij het maken van deze foto kwam ik er achter dat deze naaf niet bruikbaar is. Er zit een andere, kleinere maat schroefdraad op, waardoor de tandwielen niet vast gezet kunnen worden. Normaal is dat 34,9mm, maar bij deze 33,5mm. Het lijkt erop dat er een nieuwe, kleinere schroefdraad op getapt is. Wie een oplossing weet om deze naaf ooit bruikbaar te maken, ik hoor het graag!

Jeroen

Twee NOS nikkelen voornaven

Enkele weken terug had ik deze mooie nikkelen voornaafjes ontvangen (met dank aan Maurice) afkomstig van Toon Mensinck. Die heeft twee kisten vol ervan. Ze zijn nog van het buisvormig model, waarschijnlijk Duits, die met name in de jaren ’20 en begin ’30 veel zijn toegepast. De reden waarom deze zijn overgebleven is ook duidelijk: het zijn allemaal 40 gaats naven. Prachtig, maar vrijwel onbruikbaar, tenzij je toevallig een 40 gaats transport velg weet te vinden. Wel zijn ze dan weer handig voor onderdelen, zoals de as, conussen, moeren, stofkappen en oliepotjes. Daar ga ik ze ook uiteindelijke voor gebruiken.

Gebarsten remhevels Torpedo naven (t/m 1948)

Iets wat ik nog niet eerder had gezien, maar wat blijkbaar vrij vaak voorkomt bij Torpedo naven van laat jaren ’20 tot eind jaren ’40: gebarsten remhevels. En ook niet op de plek waar je het het eerst zou verwachten. Ik werd ervan bewust nadat Abram dat had gevonden bij zijn Batavus uit 1933. Die naaf heb ik nu in bezit. Ik was door mijn onderdelen bak aan het kijken, en vond nog twee exemplaren met een barst op precies dezelfde plek (de onderste is die van Abram):

De vraag was, hoe kan dit? Je zou juist schade aan dan achterkant verwachten, omdat bij remmen daar de remhevel op trek staat. Maar als je aan de binnenkant kijkt, dan zie je dat de remhevel precies op de plek van de barst duidelijk ingedeukt is:

Precies aan de onderkant begint de barst. Dit is waar de remhevel conus tegen de remhevel aan slaat tijdens het remmen. En hierdoor onstaat een grote schuifspanning door de remhevel.

Omdat ook precies op die lokatie een knik zit in de remhevel, krijg je nog een extra spanningsconcentratie op die plek. Na vaak genoeg remmen, zal door metaalmoeheid daar een scheur ontstaan. Het zal niet in een keer breken, tenzij de scheur al heel lang is, maar het is wel iets om op te letten. Bij latere Torpedo naven vanaf 1949 zit die scherpe knik daar niet, waardoor dit niet zo gauw optreedt. Zie hier een latere naaf:

Zeker bij transportfietsen, die veel gewicht tot stilstand moesten/moeten brengen, kan dit vaak voorkomen. Ik ben ook naven tegengekomen waar de remhevel vervangen was, dus wellicht dat die gebroken was tijdens gebruik.