Aandoenlijk oud ijzer (W.K.C. of Maxwell)

Afgelopen zaterdag (inmiddels twee maanden geleden, ik loop wat achter, red.) heb ik een oude vergeten transportfiets opgehaald in Veenendaal. Daar bleek nog veel meer oud spul te liggen op zolder. Ik zag een Cyrus dames transportfiets en veel, heel veel oud en leuk spul. Een soort winkel van Sinkel. Ik zal binnenkort een paar foto’s maken van deze Cyrus (waarschijnlijk Eysink Super Standaard, red.). Zij is te koop. Bijgaand een paar foto’s van de overblijfselen van wat ooit en transportfiets was. Er zat nog een belastingplaatje van 1940/1941 op.De fiets is dus vooroorlogs. Alles zit vastgeroest. Mooi stukje transportfiets archeologie. De wielen heb ik erbij. Daar zat een 70 jaren torpedo naaf in, helaas. Waarschijnlijk een keer gereviseerd 40 jaar geleden.

Hartelijke groet,

Paul

Red.:

Deze fiets trok gelijk mijn aandacht, omdat ik net bezig was met materiaal te downloaden over W.K.C. (tot 1929) en later Maxwell (vanaf 1929) van firma A. Druyf te Amsterdam. Twee dingen die opvielen waren de ingesoldeerde achterpadden en het typerende kettingwiel/crankstel. Dit is exact dezelfde als die in een artikel uit 1932 over Maxwell te zien is in “De Nederlandsche Rijwielhandel” (zie Maxwell, A. Druyf & Co., Amsterdam):

Dit kettingwiel is ook te zien op de eerdere bakfietsen van W.K.C. (als je goed kijkt, zie je dat het duidelijk niet de standaard vijfpuntige ster is, maar dezelfde als op de bovenstaande afbeelding):

In het artikel van Maxwell uit 1932 wordt ook beschreven dat Maxwell rijwielen voornamelijk uit W.K.C. onderdelen zijn opgebouwd. Dus dat maakt het niet makkelijk om te achterhalen of de fiets nu een W.K.C. of Maxwell is.

Er zijn echter twee dingen die mij doen vermoeden dat het een W.K.C. is, en niet een latere Maxwell. Als eerste vanwege de ingesoldeerde achterpadden, wat het vermoeden geeft dat het een jaren ’20 transportfiets is.

De tweede reden is het stuur. Bij W.K.C. (1928) zit de horizontale stuurbuis direct boven de vertikale stuurbuis:

En bij Maxwell (1932) zit de horizontale stuurbuis voor de vertikale stuurbuis:

Het is geen hard bewijs, en de beschikbare afbeeldingen zijn ook erg vaag. Maar het is in ieder geval een fiets van begin jaren ’30 of eerder, en vrij zeker afkomstig van de firma A. Druyf. Al met al zeker een interesante fiets, die verdere studie en restauratie waard is.

Jeroen

Maxwell, A. Druyf & Co., Amsterdam

Dit artikel is bedoelt om een algehele samenvatting te geven van de transportrijwielen van Maxwell. Naarmate mijn kennis groeit, zal ik ook dit artikel verder aanvullen.

Firma A. Druyf was gevestigd aan de Oudezijds Voorburgwal 131 te Amsterdam. In deze filmopnames van eind jaren ’30 is te zien hoe gewerkt werd in dit grachtenpand in hartje Amsterdam.

Over de begin jaren van firma A. Druyf & Co. heb ik nog niet zoveel terug te vinden. De eerste advertenties die ik heb zijn van 1928. Toen was A. Druyf & Co. nog importeur van bakfietsen en transportfietsen van het merk W.K.C., waarover in dit eerdere artikel meer te vinden is. W.K.C. is een Duitse staal fabriek gevestigd in Solingen, die onder andere ook rijwielen produceerde. W.K.C. kwam door de Depressie in 1929 in de problemen, waardoor firma A. Druyf waarschijnlijk overgestapt is om zelf rijwielen te gaan produceren.

Vanaf 1929 begint firma A. Druyf & Co met het adverteren van bak- en transportfietsen van het eigen merk Maxwell. De naam Maxwell was echter al geregistreerd in 1924 (bron). Rijwiel.net geeft aan dat de oprichting van Maxwell al in 1914 plaatsvond. Of dat het merk Maxwell betreft of de firma A. Druyf & Co is mij niet duidelijk.

1929

De vroegste advertenties van Maxwell bakfietsen komen uit 1929, gepubliceerd in het vakblad “Orgaan voor het Rijwiel- en Automobielbedrijf”. Hierin staat eerst nog zowel W.K.C. en Maxwell tegelijk genoemd, en daarna alleen nog Maxwell:

1932

In 1932 verschijnt er een uitgebreid artikel over Maxwell transportrijwielen in het vakblad “De Nederlandsche Rijwielhandel” (let ook op het typerende kettingwiel in afbeelding 2, wat hetzelfde is als op de eerdere W.K.C. transportrijwielen geleverd door A. Druyf & Co.):

Hieronder volgen nog (onvolledige) scans van de Maxwell prijscourant uit 1932, met onder andere een opvouwbare bakfiets:

1934

1935

In 1935 introduceert Maxwell de duplex bakfiets. In het vakblad “De Nederlandsche Rijwielhandel” werd een uitgebreid artikel geplaatst:

En heel veel advertenties, waarvan ik er eens selectie hieronder plaats:

1936

In 1936 wordt de Maxwell kruisframe transportfiets geintroduceerd (scan met dank aan Theo de Kogel) in “De Nederlandsche Rijwielhandel”:

En nogmaals de duplex:

1937

1938

1939

En in dit eerdere artikel is nog een uitgebreide prijscourant te vinden van alle modellen uit 1939: Prijscourant Maxwell 1939

1940

In de oorlog stopt de productie, onder andere door de materiaalschaarste. Na de oorlog verschijnen de volgende advertenties, helaas geen beeldmateriaal meer:

1945

1949

1951

1952

Na de oorlog is dus in ieder geval de productie van Maxwell bak- en transfietsen voortgezet. In 1961 is het merk opgeheven (bron). De naam Maxwell is recent weer in gebruik genomen, maar heeft geen relatie tot het originele bedrijf.

Bandennood

Zoals algemeen bekend was er tijdens de Tweede Wereldoorlog een grote rubber schaarste. Hoe dat nou precies zat was mij nog niet veel van bekend. In ieder begonnen de problemen met rubber invoer al in 1939, en werd het Rijksbureau voor Rubber opgericht om de bandenhandel te reguleren. In het vakblad “De Rijwielhandel” blijkt dat na de inval van Duitsland, direct een verbod volgt op de handel in petroleum en banden voor auto’s en motoren. Dit resulteerde aanvankelijk en een grote toename aan aanschaf van rijwielen. Maar in 1942 wordt de bandenschaarste zo groot, dat allerlei noodmiddelen worden geraadpleegd om rijwielen nog op de weg te houden. Dit blijkt ook uit de advertenties in “De Rijwielhandel” in 1942:

En deze uit 1943:

Voorbeeld van zulke houten bakfietswielen is hier te vinden.

Verder hield men zich gaande door handel in vulcaniseer apparaten om banden te repareren, moffelen van fietsen, slijpen van naafonderdelen etc. Hieruit blijkt dat de rijwielproductie en -handel in die tijd volledig stil was komen te liggen, en dat men op die manier nog probeerde brood op tafel te krijgen.

Verder in 1943 worden de publicaties van het vakblade “De Rijwielhandel” wel heel summier, en verdwijnen alle advertenties, en in 1944 en 1945 tot het einde van de oorlog zijn geen uitgaven meer van het blad.

Dit begint weer enkele maanden na de bevrijding, waarbij vele fabriekanten laten weten dat ze nog bestaan en weer gaan opstarten, zoals hieronder Roelofsen en van der Wiel (Standaard/Roelewiel):

In 1946 komt de handel in nieuwe banden weer op gang:

Tot en met 1948 lijkt er nog maar zeer beperkt aan rijwielen geproduceerd te worden, en verkopen de meeste rijwielproducenten importrijwielen uit Engeland, Frankrijk etc. Ook blijven banden nog schaars, waardoor zelfs in 1947 nog steeds geadverteerd wordt voor houten bakfietswielen:

10 februari 1948 is de ratsoenering van rijwielen en rijwielbanden opgeheven.