Junker/W.K.C. van Abram uit 1922!

Recent stond deze transportfiets op facebook te koop, en Abram heeft hem aangeschaft. Een paar zaken vielen direct op. De voordrager is van het oude model dat Gazelle in de jaren ’20 en begin jaren ’30 gebruikte. Ook is het balhoofd glad.

De voorvork heeft lugs voor spatbord bevestiging, zoals Juncker, Eysink en Kestein hadden.

Ingesoldeerde achterpadden, hier net te zien:

Union letterwiel, maar van een toerfiets van na de oorlog.

Dat de fiets bijeengeraapt is, is wel duidelijk. Maar het frame bleek toch best interessant. Als eerste een duidelijkere foto van de ingesoldeerde achterpadden:

Er blijken 2 framenummers op de zadellug te staan. Links 44454R:

En rechts 8659D:

Bij het balhoofd zit een gaatje voor een stuurslot:

Deze combinatie is heel bekend van het frame van Nick/Maurice (nu Ronald, maar binnenkort weer Maurice😉): Oud frame van Maurice

Maar ook de onbekende van Sjoerd: Transportfiets met bijzondere details

Al was van de fiets van Sjoerd nog niet bekend of die ook een tweede framenummer heeft. Dat blijkt ook het geval.

Na wat speurwerk (zie ook deze discussie op De Oude Fiets), blijkt het te gaan om Juncker/W.K.C. transportfietsen! Zowel bij Juncker als bij W.K.C. zijn de framenummers te dateren aan de hand van de letter op het einde, en dat geeft de volgende bouwjaren:

  • het frame van Abram:
    rechts 8659D (Juncker 1921/1922), links 44454R (W.K.C. 1922)
  • het frame van Ronald:
    rechts 6955G (Juncker 1924/1925), links 45301T (W.K.C. 1924)
  • het frame van Sjoerd:
    rechts 6363G (Juncker 1924/1925), links 8934T (W.K.C. 1924)

De Juncker en W.K.C. framenummers matchen dus precies kwa bouwjaren, dus dat kan geen toeval zijn. En daarmee dus zijn in een klap drie van de oudste transportfietsen geidentificeerd en gedateerd!

Nog een aanwijzing voor datering bij de fiets van Abram, op het stuur staat het volgende tekentje:

WB&S staat voor W. Bauermann & Söhne, een staalfabriek uit Hilden, Duitsland. Zie meer informatie op Wikipedia. Hier staat onder andere “Als tweede steunpilaar begon in 1922 de productie van gelaste buizen voor de fiets- en motorfietsindustrie, b.v. voor sturen en zadelpennen, achterwielstellen, voorwielhulzen”. Daarmee is de fiets dus zeker uit 1922, en niet eerder.

Het frame heeft wel de nodige schade en reparaties. De doorgescheurde stuurbuis:

Gesoldeerde trapashuis:

Doorgeroest mannetje:

Scheur in de liggende achtervork:

En gelast oogje aan de zadellug:

Dat is dus wel iets om van bewust te zijn als je zulke oude frames wilt gaan restaureren, de schade kan flink zijn. Dat heeft Abram al meerdere malen gemerkt. Die oudere exemplaren hebben langer werk moeten verzetten, en waren vaak nog niet zo robuust als de latere exemplaren. Deze heeft dan ook dienst gedaan om melkbussen te vervoeren, dus een zwaar leven. Maar Abram heeft al eerder zulke frames prachtig teruggebouwd en gerestaureerd, dus dat zal bij deze vrij waarschijnlijk ook weer gebeuren. Het scheelt dat een deel in ieder geval in het verleden al gerepareerd is, en dat die reparaties het hebben gehouden.

Nog een paar laatste details. Markeringen onder het trapashuis:

Het zadel dat erop zat:

En tot slot het gestripte frame:

Dan de vraag hoe heeft deze fiets er oorspronkelijk uitgezien? Van Juncker/W.K.C. zijn geen folders bekend uit begin jaren ’20. Wel is er een foto van zo’n fiets in de werkplaats van Juncker uit 1923:

Te zien hier zijn de gladde balhoofdbuis, en het lijkt erop dat er ook een stuurslot zichtbaar is, zoals op de drie frames zitten of zaten. Maar het is moeilijk te zien. Ook te zien is het WKC model kettingwiel met 4 cirkels, zoals de eerdere Juncker/WKC transportfietsen uit begin jaren ’10 ook hadden, waarvan wel foldermateriaal bekend is.

Ik heb wel een zeer sterk vermoeden dat Rivertown deze afbeelding van hun folder uit 1924 van Juncker heeft gejat en er een voordrager over hebben getekend. Een aantal redenen voor dat vermoeden: stuurslot (wat vrij zeldzaam is bij transportfietsen), en gladde balhoofdbuis. WKC kettingwiel. De amateuristisch getekende voordrager en een lamphaak bij het stuur wat de meeste transportfietsen niet hadden.

Verdere bevestiging hiervan is het transportframe in dezelfde folder:

Hierop zijn nog de nokken zichtbaar op he balhoofd waarop bij de vroege jaren ’10 W.K.C. transportfietsen de voordrager was bevestigd.

Maar het echte bewijs dat Rivertown afbeeldingen van andere merken jatte is te zien aan deze folder van rond 1925:

Dit is de afbeelding van Gazelle uit 1920, met de Gazelle letters in het kettingwiel weggemoffeld:

Dus het lijkt erop dat we door de wanpraktijken van Rivertown per ongeluk toch de folder afbeelding van de Juncker/WKC transportfiets uit de begin jaren ’20 hebben die kan helpen met de restauratie.

Stokvis/Nederlandsch Kroon van Ronald deel 3: lak en transfers

Het is nog even wachten op het rek en de spatborden om hem af te monteren. De transfer waar ik niet uitkwam heb ik maar een plek gegeven op de schuine buis 😁

Ronald

Eerdere artikelen:
Jaren ’20 transportfiets op marktplaats
Mogelijk jaren ’20 transportfiets van Ronald

Transportfiets met ingesoldeerde achterpadden van David

Een oude bekende op de site, die al wat gedaantewisselingen is ondergaan en door verschillende handen is gegaan sinds hij voor het eerst in 2010 op de site verscheen. De fiets is nu in bezit van David. Het frame is vrij waarschijnlijk jaren ’20, met ingesoldeerde achterpadden, BSA type trapas waarbij de cups met spieĂ«n aan de voorzijde zijn vastgezet. Ik ken maar drie transportfietsen met een dergelijk trapashuis, waaronder die van mij en van Ronald. Het frame van de fiets van David komt echter in meer details met die van mij overeen, zoals het balhoofd uit losse lugs. Goede kans dus dat beide frames uit dezelfde fabriek afkomstig zijn. Aan de fiets van David is wel vrijwel alles vervangen. Maar alsnog een interessante fiets met een lang verleden.

Simplex van Abram van rond 1940

Weer een nieuwe aanwinst van Abram. De transportfiets viel op door het type kettingwiel, dat lijkt op het model dat door verschillende merken zoals Germaan in de jaren ’20 werd gebruikt. Dit kettingwiel blijkt helaas niet origineel en ook geen transport.

Het frame blijkt een Simplex te zijn, te zien aan de verdikking van de balhoofdbuis onder en boven.

Er zit een gaatje bij de balhoofdbuis, wat doet denken aan een stuurslot, maar dat blijkt niet het geval. Er zit ook een gaatje bij de zadellug, dus dit is waarschijnlijk gebruikt om er een reklame bord of iets dergelijks op vast te zetten.

Het framenummer is 306463. Dat betekent een bouwjaar van rond 1940 (=/- 1 jaar).

Het aparte is, hij heeft nog wel ingesoldeerde achterpadden:

Er was ook al een Simplex bakfiets bekend uit 1941 met ingesoldeerde achtpadden. Ik heb wel minstens een andere Simplex transportfiets gezien die waarschijnlijk uit de jaren ’30 stamt, maar zonder ingesoldeerde achterpadden. Die heeft echter helaas een 5 cijferig framenummer, en die framenummer reeksen zijn moeilijk te dateren bij Simplex. Tot dusver was bekend dat Simplex tot ongeveer 1931 nog ingesoldeerde achterpadden gebruikte bij rijwielen, maar niet later. Dat blijkt dus niet het geval te zijn.

Volgens Abram is de fiets vrij licht voor een transportfiets. Dat doet vermoeden dat het mogelijk geen echte transportfiets is, maar een model dienst. Simplex produceerde die ook met dubbele bovenbuis. In de folder uit 1925 staat zo’n model dienst. Daarna wordt die niet meer in de folders weergegeven, maar werden ze volgens Herbert nog steeds geleverd o.a. aan de politie. Maar of dit een model dienst is, wie zal het zeggen?

Nog wat verdere details:

Tweede Göricke van Charles, uit 1924

Eerder in bezit van Ronald, zie Transportfiets met ingesoldeerde achterpadden van Ronald. Inmiddels is Charles de eigenaar. En het is duidelijk geworden dat het frame afkomstig is van een Göricke en gedateerd via framenummer (713195, zie http://www.tilman-wagenknecht.de/nummern/goericke.pdf) tot 1924. Kenmerkend voor Göricke zijn bijvoorbeeld het trapashuis, waarin een normale toerfiets maat trapas in past (cups 40mm, breedte trapashuis 70mm). Hij is ook zeker niet van voor 1924, want toen werd dit type transportfiets door Göricke geintroduceerd met uitwendige lugs, in tegenstelling tot de inwendige, onzichtbare verbindingen bij de oudere Göricke van Sjoerd.

Charles heeft het volgende werk gedaan:

Het balhoofd ziet eruit alsof het 1 1/8″ is, maar het is 1″.

Renold The Coventry (ketting) op F&S (tandwiel).

Acht en veertig tanden.

De bovenste buis was krom.

Een mooie deuk is niet lelijk.

Achternaaf STYRIA.

De cranck zit te dicht op het trapashuis.

Vernikkelde trapas van Gerkinet: 16mm dik en 136mm lang.

Voornaaf van onbekend merk. Wel met geschroefde stofkapjes.

De Göricke uit 1924 is weer recht.

En het rek zit er ook weer op.

De pedalen worden vervangen door die van Göricke en de spatborden moeten nog worden gemonteerd. Als ik het voor elkaar krijg om een beugel te maken, zet ik er een pistool model kettingscherm van Roelewiel op. Er is een dynamo, maar nog even geen koplamp.

Charles