Aanval op een bakkersbakfiets tijdens de oorlogswinter

Zojuist was ik in contact met iemand uit Australië, die op zoek was naar een afbeelding van een bakkers bakfiets. Hij was geboren en opgegroeid in Rotterdam, en geemigreerd naar Australië in 1960. Hij is een boek aan het schrijven over zijn ervaringen voor zijn kinderen en kleinkinderen, en zocht een afbeelding van een bakkers bakfiets voor een ervaring die hij beleefde tijdens de oorlog. Niet alle herinneringen rond bakfietsen en transportfietsen zijn fijne herinneringen, zoals in dit geval. Maar het is een stukje geschiedenis, dus ik vroeg of ik het deel uit zijn boek hier mocht plaatsen:

“The winter of 1944 is remembered in the Netherlands as “The Hunger Winter”. Young and old were dying of starvation because the occupying army had taken most farm produce for consumption by German citizens and their military. I saw adults and children collapse and die on the streets of Rotterdam from hunger and exposure. Fuel for heaters and stoves became totally unobtainable. In desperation people tried stealing the wooden poles meant to deter allied parachutists and glider landings. Those who were caught attempting such theft were summarily executed on the spot. Those dark days were really desperate times. The authorities made feeble attempts to feed the masses. Every Monday, Wednesday, Thursday and Saturday one could obtain a portion of watery soup. The soup was prepared in “Gaar Keukens” (Ready to eat kitchens) and was doled out sparingly. It was insufficient to really stave of death from hunger, but it was better than nothing. I guess you will never truly realise how trying those days were for all inhabitants of the big cities in Western Holland unless you lived through them. The occupying forces, the weather and the war all conspired to make that winter one of true desperation. People died on the streets, and in their home. The aged were the hardest hit. Fuel for heating and cooking was almost non-existent. Food was unobtainable. From what I have read and learned it was only worse for the Russian peasants, who were ruthlessly exterminated by the Germans.

Research into the number of Dutch World War Two civilian casualties puts the number at around 175,000 lives lost. This does not include the maimed, crippled and wounded who survived the war. To this day television pictures of children starving in third world countries fail to move me emotionally. It was, sad to say, a common sight in my youth. History records that more than 3 million Dutch people were starving. A contributing factor to this starvation was the fact that the Dutch waterways in December 1944 and January/February 1945 were frozen solid. This stopped transport lighters (river boats), the normal transport then, from those areas where there still was food from reaching the cities in the West of the Netherlands with much needed foodstuffs. It was a horrible time and our family survived mainly because of my brother Jan. He was the eldest boy then still at home. He excelled at scavenging food from the unlikeliest places. I won’t regale you with horror stories of what desperate people used as food, but if it was alive, avian, reptilian or mammalian and unlucky enough to be caught, it was eaten.

On a bread carrier the cargo space was usually enclosed with a wooden lid. These simple transport carriers were in use in Rotterdam in the 1940’s. A thriving business in our neighbourhood rented out a variety of these carriers.

The total number of people (around 30 million) who died as a direct result from the Second World War is obscene. Life was cheap, just existing was a harsh, reality exercise and death could come at any time. We were walking to church when we unexpectedly came under fire. A couple of open trucks with German soldiers heading north were fired on from the rooftops, in a botched ambush attempt, by the resistance. The trucks accelerated and drove out of the ambush. The soldiers on the back blindly returned fire, shooting at any target that presented itself. Sadly a couple of pedestrians, innocent bystanders again, became part of the dreadful statistics in the total death toll of World War Two.

A baker’s carrier (see the photo above) was attacked. It had become known that this baker received flour from the German military and baked bread for them. A couple of dozen people attacked the carrier when it passed near our playground. The delivery man tried his best to defend his cargo, but succumbed to the mob. When he was vanquished the men and women looted the bread and disappeared. The delivery person, a man called Meewis, was a sorry sight and bleeding profusely when he pedaled his painful way back to the bakery.”

Geef de pen door

Allen,

Zoals jullie misschien gelezen hebben, mag ik een paar bladzijden volpennen in het clubblad van De Oude Fiets.
Het mag duidelijk zijn, dat wordt een stukje over transportfietsen. Twee vragen.
– Als je hierover iets wilt inbrengen, laat me dat weten.
– En als je de pen wilt overnemen voor het clubblad daarop, laat het eveneens weten!

Groet,
Bas

Twee nieuwe fietsen in het arsenaal

Hoi Bas,

Er zijn weer twee transportfietsen aan het arsenaal toegevoegd.
Een 26″ en een 28″ fiets voor Sandra en mij zodat we in Beuningen ook kunnen fietsen.
De fiets van Sandra is een echte schuurvondst uit Boven Leeuwen. Oude schuur, zeker 200 jaar oud. Grote natuurstenen, dikke houten planken en balken, houten hijsinstallatie, ijzeren kozijnen en veel stof.
Op de tweede verdieping stond nog een transportfiets onder het stof. De man wist verder niets van de geschiedenis van de fiets.
Hij moet nog opgeknapt worden maar we zijn hem eerst even uit gaan proberen. Hij is inmiddels gedemonteerd wat niet zonder slag of stoot ging. Balhoofd wilde niet los, stuur zat vast en de crank wilde niet van de as af ondanks dat de spie er zo uitgleed.
Grappig detail is de oude spekband van Hevea. Er zat een grote scheur in en hij is uitgedroogd maar met een paar stukken van de spijkerbroek van de zoon van Sandra tussen de binnen- en buitenband heeft ze er zeker al honderd kilometer zonder problemen mee gefietst.
Het lijkt er op dat ze uit dezelfde fietsfabriek komen omdat er opvallend veel hetzelfde is behalve dan dat de een 26″ en de ander 28″ is. Bij die van Sandra staat er het framenummer 136453 in en bij mij 18979. Het cijfer 1 is het enige cijfer wat in beide framenummers voorkomt en is duidelijk anders. Als iemand aan de hand van de foto’s iets kan zeggen over leeftijd en merk dan graag.
De dikte van de binnenbalhoofdbuis, het balhoofd, de voorvorkkroon, de trapas, de lugs en iets minder spectaculair, het stuur. Alles precies hetzelfde.
Niet hetzelfde maar wel mooi is de F&S voornaaf voor G12 spaken. Misschien zijn er wel meer maar ik heb ze nog niet in mijn handen gehad. Na een schoonmaakbeurt bleek het ding verrassend soepel te draaien en ziet er nog goed uit.
De achternaaf is zwaar mishandeld maar daar is nog wel het een en ander aan te redden. En de ketting moet vervangen evenals het achtertandwiel. De trapas is in topconditie zodat ik de spie maar weer terug mep.
De spatborden komen van een 28″ bakfiets volgens mij en zijn gaan knikken door het verbuigen naar een kleinere maat. Daar ben ik andere voor aan het zoeken.
Nieuwe spaken zijn besteld en moesten vervangen worden. Vlak boven (onder) de nippels kon je er hier en daar als het ware dwars doorheen kijken.
De voor- en achtervelg zijn verschillend. Op de foto van de voorvelg is duidelijk te zien dat er met grof geweld “gedopt” is. We zijn nieuwsgierig en benieuwd of iemand iets kan zeggen over de fabricage technieken van de velg en het doppen.
Al met al zijn we erg blij met de fiets voor Sandra en zijn voortvarend aan de gang gegaan om hem op te knappen.
Als ie klaar is komen er natuurlijk meer foto’s.
Maar eerst moest er even op gefietst worden natuurlijk en dat hebben we gedaan in en onder Maastricht. O.a. op de St. Pieterberg. Omhoog lukte net als in de duinen niet helemaal fietsend maar naar beneden….
Niet echt iets voor een transportfietstoer.
Moet wel gezegd dat Maastricht (wij kenden de stad niet) een verrassend oude stad is met werkelijk prachtige straten, pleinen en waterpartijen van de Jeker.
Misschien wel leuk om een keer langs de maas te fietsen met zijn allen. Met het pontje bij Eysden oversteken en aan de andere kant terug en dan “saaitsiejing” in de stad.
Is de moeite van het overwegen zeker waard.

De 28″ is met veel onderdelen “uit oude voorraad” opgeknapt met dank aan Marcel voor het nieuwe tandrad.
Er zijn een nieuwe, achternaaf een “super GRANAT”, nieuwe voornaaf is Engels, nieuwe bagagedrager, andere pedalen, nieuwe ketting, nieuwe tandwielen, nieuwe dynamo, nieuw zadel en nieuwe spaken op gemonteerd.
Alles “uit oude voorraad”
En ik ben natuurlijk zo blij als een klein kind met zijn nieuwe speelgoed.
Op naar het volgende restauratieproject.

Groetjes van mij.
Charles Waagenaar